Diagnose van coeliakie

Sneltest of darmbiopsie?

Over de diagnose van coeliakie bestaan veel misverstanden. Sommigen menen dat een sneltest voldoende is, anderen zeggen dat alleen aan een biopsie enige waarde toegekend kan worden. Hoe zit dat nu?

Bij diagnose van coeliakie zijn drie methoden in gebruik:

  • serumtest (zoals Coeliatest)
  • darmbiopsie
  • belastingsproef

Serumtest, sneltest

Bij een serumtest, zoals de Sanelco test ook is, wordt het bloed gecontroleerd op de aanwezigheid een "coeliakie-eiwit": tissue-TransGlutminase ImmuunGlobuline type A, kortweg tTG IgA (en soms ook op IgG.) Dit eiwit is kenmerkend voor coeliakie. Het komt vrij wanneer een overgevoelige darm wordt geprikkeld door gluten.

Het grote voordeel van deze test is dat er slechts een beetje bloed voor geprikt hoeft te worden. Voor de patiënt is dit het minst belastend. Is de test positief, dan is er sprake van coeliakie dat wellicht de klachten kan verklaren. Is de test negatief, dan zal de arts geneigd zijn eerst naar andere oorzaken zoeken.

Het nadeel van deze methode is dat je nog niet weet hoe ernstig de coeliakie is, in hoeverre het de klachten veroorzaakt en wat de beste therapie is.

Daarvoor is eerst een biopsie nodig.

Biopsie

Bij een biopsie (spreek uit: biopsíe) slikt de patiënt een slang in waarmee de arts een stukje darmweefsel kan verwijderen. Dit "biopt" wordt bewerkt en onder de microscoop gelegd.

Aan het biopt is te zien of het darmweefsel is aangetast, en hoe ernstig. Bij coeliakie zijn de darmvlokken beschadigd en dat is onder de microscoop goed te constateren. Dit geldt als de definitieve diagnose van coeliakie.

Een biopsie is geen pijnlijke, maar wel een vervelende ingreep. Daarom zal de arts meestal eerst het serum laten controleren op de aanwezigheid van het "coeliakie-eiwit". Is dit het geval, dan is dat reden om een biopsie uit te voeren.

Belastingsproef

Vroeger, toen er nog geen serumtesten en biopten waren, was er maar één methode voor diagnose van coeliakie: de belastingsproef.

Daarbij werden patiënten een paar weken op een glutenvrij dieet gezet. Als de klachten afnamen, was dat een aanwijzing. Vervolgens kregen de patiënten weer gluten te eten. Keerden de klachten terug, dan was de glutenintolerantie aangetoond.

Tegenwoordig wordt de belastingsproef nog wel gedaan onder strikt medisch toezicht. Dit gebeurt dan meestal niet om de ziekte zelf vast te stellen, maar om te bepalen hoe hoog de gevoeligheid van de darm is voor gluten. Dit gegeven wordt gebruikt om het dieet te bepalen.

Kortom

De drie testen werken niet of-of, maar en-en. Ze vullen elkaar aan.

  • Serumtest/sneltest: een gemakkelijke pijnloze manier om te controleren of er sprake is van coeliakie
  • Biopsie: een medische ingreep om de ziekte defintief vast te stellen en de ernst ervan te beoordelen
  • Belastingsproef: een wisselend dieet om de praktische gevoeligheid voor gluten te bepalen.